Nu gesloten - opent dinsdag om 9u30





Noordoost-Groenland 2023 Verslag van onze expeditiecruise

In augustus 2023 vertrokken we op expeditiecruise naar het ongerepte noordoosten van Groenland. Samen met onze 100 landgenoten gingen we op ontdekkingstocht door één van de meest afgelegen en spectaculaire gebieden ter wereld. We trotseerden de Arctische wateren, op zoek naar indrukwekkende fjorden, eeuwenoude gletsjers, uitgestrekte ijslandschappen en een uniek dierenleven. Van imposante ijsbergen en verlaten kusten tot ontmoetingen met muskusossen, zeehonden en ijsberen: elke dag onthulde nieuwe wonderen van het Hoge Noorden. In dit verslag nemen we je mee langs de hoogtepunten van deze bijzondere Asteria Expeditions expeditiecruise.

 

Tekst: Johan Van Praet 

Foto & video: Yan Verschueren en Didier Lammens

Samen met 100 Belgen vertrokken we op expeditiecruise naar het ongerepte noordoosten van Groenland
Samen met 100 Belgen vertrokken we op expeditiecruise naar het ongerepte noordoosten van Groenland

Dag 1

We smeren em Oostende Luchthaven, 51° 11' 59’’ Noord - 02° 51' 49’’Oost

Straks vliegen we zo’n 3.000 km pal noordwaarts en laten we Groenland nog even links liggen. Het is 5 uur ’s ochtends. Gepakt en gezakt sta ik te puffen op de luchthaven van Oostende. Bij 22°C in bottines en dik gevoerde windjas inchecken raad ik niemand aan, maar als we binnen pakweg vier uren landen op Longyearbyen (78°13’ Noord) zullen de extra laagjes meer dan welkom zijn.

 

En dat zijn ze. Het is 7°C als we op de tarmac stappen van ‘s werelds meest noordelijke bewoonde nederzetting met meer dan 1.000 inwoners. De bries voelt killer dan we gewoon zijn. “Toch zijn positieve temperaturen voor dit gebied normaal”, legt onze prof. glaciologie Frank Pattyn uit. “Dankzij de warme oceaanstromingen aan de oppervlakte van de Atlantische Oceaan.” Meer weten over de Atlantische ‘Meridional Overturning Circulation’? Vragen aan Frank.

Een laag wolkendek houdt het steenkoolstadje Longyearbyen in zijn greep.
Een laag wolkendek houdt het steenkoolstadje Longyearbyen in zijn greep.

De Nederlander Willem Barentsz was wellicht beter bestand tegen de kou toen hij in 1596 het land in zijn vizier kreeg. Hij was danig onder de indruk van de spitse bergtoppen dat hij de Noorse eilandengroep als Spitsbergen op de kaart zette. Pas in 1920, wanneer de Noren het gebied onder hun hoede nemen, doopten ze de bonte verzameling eilanden aan het einde van de wereld Svalbard, wat zoiets betekent als ‘koele kusten’. Het hoofdeiland behield de naam Spitsbergen.

Leonidas en whiskey

Ik aai de opgezette ijsbeer naast de enige bagagetransportband. Ikke rør isbjørnen meldt het bordje – raak de ijsbeer niet aan, kom ik later te weten. Het voelt als een terminus – de sfeer, niet de ijsbeer –, een beetje het Oostende van de noordpoolcirkel. Maar dat is het allerminst. Longyearbyen ‘ontplofte’ de voorbije decennia van godvergeten stek voor avonturiers en fortuinzoekers tot place to be voor natuurliefhebbers en grensverleggers (wij dus). De minst misdadige plek in Europa – als je geen baan hebt, mag je er niet wonen – oogt grauw en troosteloos onder het stof van de eeuwenoude lokale steenkoolnijverheid. Alleen de kleurrijke houten huisjes steken schril af tegen de asbruingroene rotsflanken waarvan de toppen in de lage wolken oplossen.

Onze eerste ijsbeer. Een opgezet exemplaar van de koning van Arctis. Niet aanraken!
Onze eerste ijsbeer. Een opgezet exemplaar van de koning van Arctis. Niet aanraken!

We zwermen uit over de nederzetting, één langgerekte winkelstraat, die alle gemakken heeft van een modern stedelijk gebied, inclusief bruine pub. Speciaal voor ons, en in ruil voor 300 gram Leonidas-pralines, opent Peter zijn Karlsberger Pub "met 375 single malt whisky’s en een van de grootste cognaccollecties uit Noord-Europa", glundert hij. Opgeteld staan hier meer dan 1.050 ‘spirits’ (minimum 22°). “Gin en rum stootten cognac van de meest trendy plaats.”

 

Ik slenter verder de zachte helling omhoog, op zoek naar de herdenkingsplek voor ’s werelds bekendste ijsbeer Frost en haar welp Frosty. Als het winter was, nam ik de sneeuwscooter naar de top van de winkelstraat. Vandaag – zomer – staan de sneeuwscooters per dozijn op paletten tussen de huizen geparkeerd. De 17-jarige wijfjesbeer en haar nakomelingen braken regelmatig binnen in hutten op zoek naar voedsel. En soms loopt de spanning tussen mens en beer uit de hand. Enkele maanden terug werden moeder en jong door enkele Spitbergers uit een nabij gelegen vallei de dood ingejaagd.

Wapen verplicht!

We hebben tot 16 uur de tijd om zoveel mogelijk ’eerste’ indrukken op te doen. Schoenen uit, slofjes aan in het 10 jaar geleden ontstofte museum, waar Yan Verschueren - “mijn favoriete fotograaf en wandelende natuurencyclopedie“ gelegenheidsgids speelt. En kijk, alweer een opgezette ijsbeer in de collectie die zo’n 400 jaar Spitsbergse geschiedenis overspant. Hoog knuffelgehalte, maar levensgevaarlijk. Het merendeel van de dik 1.500 ijsberen op Spitsbergen heeft nog nooit een mens gezien. En omgekeerd. Toch struikel ik liever niet over een levend exemplaar. Ook al zijn er sinds 1971 slechts vijf dodelijke aanvallen geweest, het blijven te duchten roofdieren. Daarom dragen al onze gidsen een wapen. Verplicht!

16u00 - Boarding in de zodiac-shuttle voor de transfer naar MV Hondius
16u00 - Boarding in de zodiac-shuttle voor de transfer naar MV Hondius

Cargoschepen krijgen in Spitsbergen voorrang aan de kade en dus ligt MV Hondius in de baai voor anker als we willen inschepen. Expeditieleider Hans laat ons oppikken met de zodiac. Een dik uur later verzamelt iedereen in de Observation Lounge op dek 5 voor de verplichte veiligheidsbriefing. Zeven korte stoten van de scheepshoorn, gevolgd door één lange betekent gevaar. Reddingsvest omgesjord en tot de laatste man geteld, oefenen we als een feloranje kudde de evacuatie. Wie wil kan een blik werpen in de reddingssloep. In de feloranje ‘koker’ van 8,5 bij 3,2 meter is plaats voor 100(!) personen. “Eens te water, zal iedereen doodziek worden, zelfs de sterkste magen aan boord”, grijnst tweede stuurman Don. “Er is geen toilet, wel een emmer.”

Reddingsvest omgesjord en tot de laatste man geteld. De evacuatiedril loopt als gesmeerd.
Reddingsvest omgesjord en tot de laatste man geteld. De evacuatiedril loopt als gesmeerd.

Genoeg geoefend. Op amper 1338 km van de geografische Noordpool vaart Hondius door Isfjordbaai en heet de Chileense kapitein Ernesto Barria ons welkom. Toost op wat vooruit ligt. Net voor ik onder de wol wil, spotten we nog Witsnuitdolfijnen. De ijsregen brengt me weer helemaal bij mijn positieven. Het is rond 22 uur als we uit de beschutting van de Isfjordbaai varen en traag het uiterste landpuntje van Prins Karls Forland achter ons laten.

 

We hebben de oceaan voor ons. Denken we … want we varen (nog) niet naar Groenland.

Dag 2

Bingo! Beer! Smeerenburg - 79° 43' 59" Noord - 11° 01' 19" Oost

07u30 - Ik geraak maar niet wakker. Tot ik door de patrijspoort kijk. De indrukwekkende Smeerenburggletsjer schuift gemakkelijk een meter per dag zijn tonnen ijs de Bjornfjordenbaai binnen. De hele nacht volgde de Hondius de westkust van Spitsbergen tot 79° Noord. Expeditieleider Hans hoorde van Yans bevriende gidsen dat we hier nogal grote dieren zouden kunnen spotten – met de nadruk op ‘zouden kunnen’. Bovendien wilde de kapitein het huidige ruwe weer boven de oceaan vermijden. Mij hoor je alvast niet klagen.

Kompas met kuren

“Hoe dichter bij de geografische noordpool, hoe onnauwkeuriger", legt derde officier Giovanie Simene uit. Hij kan het weten. "Als je met een kompas pal op 90° N staat weet het ding niet meer in welke richting wijzen." De Filippijn navigeert de Hondius de Bjørnfjord (Beer Fjord) binnen en positioneert het schip op drift vlakbij de Smeerenburggletsjer (79° 38’ 95" Noord - 11° 17’ 30" Oost). Door de Hollanders zo genoemd naar de olie en wellicht ook naar het smerige werk van de walvisindustrie.

 

Zelden vind je zoveel kennis en knowhow samen op dezelfde ‘kleine’ plek. Ons internationaal expeditieteam van geologen, archeologen, marien biologen, ecologen, glaciologen en vogelaars neemt veiligheid boven alles. Voor we aan land kunnen, eerst nog de veiligheidsprocedures en enkele do’s-and-don’ts. Expeditieleider Hans wil dat de landingen perfect verlopen en iedereen de strenge AECO-gedragscode respecteert. “Laat niets achter, behalve je eigen voetsporen en behandel alle planten en bloemen als beschermde soorten. Raak geen dode dieren aan - hondsdolheid! - en blijf binnen de beschermingsperimeter van de gewapende gidsen.” Een hele boterham, "maar", sust hij "niet alle ijsberen willen ons levend verslinden.” Behalve een magere, hongerige mannetjesbeer. Die beschouwt alles wat beweegt als voedsel. “Einde discussie.”

Smeerenburggletsjer in de mist
Smeerenburggletsjer in de mist

Vraag je niet af wat moet om veilig te blijven voor de ijsbeer. Wel andersom. Trouwens, de kans dat we straks een levend exemplaar voor de lens krijgen, stijgt jaar na jaar. Dankzij een jachtstop groeide de populatie in Arctisch gebied de voorbije decennia van zo’n kleine 7.000 tot ruim 30.000 dieren. Maar toch … de witte kolossen – in werkelijkheid kleurt hun vacht vuilgeel – vangen het gros van hun voedsel, vooral zeehonden, op het ijs. Door de klimaatopwarming smelt dat ijs steeds sneller waardoor de beren op het einde van de zomer al moeten beginnen ‘vasten’ en de hongerdood dreigt.

Onze eerste levensechte ijsbeer

Beer lust walrus

13u15 - Ik start mijn eerste omkleedpartij van de reis, in die volgorde: thermisch ondergoed, fleece, jeans, dikke sokken, laarzen waterdichte bovenbroek, windjas, muts, handschoenen, reddingsvest, … Een kwartier later schuiven we aan voor onze eerste landing op Smeerenburg én maiden zodiaccruise in de Virgohamnabaai bij Danskøya (Deens eiland). Het strand ligt er rijkelijk bezaaid met overblijfselen van de meest groteske tot heldhaftige poolavonturen. Echte wereldfaam kreeg de plek in 1896 toen de Zweedse ingenieur Salomon August Andrée een poging waagde om met een waterstofballon naar de Noordpool te vliegen. Wij zullen Virgohamna nooit vergeten dankzij de jonge berin (bingo!) die er lag te rusten nadat ze zich tegoed had gedaan aan het kadaver van een walrus. Netjes volgens de regels van de kunst – stilte houden, afstand bewaren, mond open van verwondering – draaien we rondjes tot de fototoestellen zwijgen.

 

We ‘zodiaccen’ verder door naar het zuidoostelijke punt van Amsterdameiland: Smeerenburg (79° 43' 59" Noord - 11° 01' 19" Oost), de bekendste plaats van de 17e-eeuwse walvisindustrie op Spitsbergen. “Duizenden Groenlandse walvissen werden er afgeslacht voor hun speklaag. Die werd in blubberovens gesmolten tot peperdure olie, in Europa gebruikt voor zeep, verlichting en tal van andere toepassingen”, vertelt archeoloog Claus.“Vijftig jaar later was er nauwelijks nog een walvis te bespeuren.” We luisteren naar het gruwelverhaal bij de restanten van twee blubber- of traanovens, tegen de ijzige wind beschermd door muren van zwart spekbeton, een beitelharde mengeling van plaatselijk zand, grind en traan.

Fundamenten van een 17de-eeuwse blubberoven
Fundamenten van een 17de-eeuwse blubberoven

De ovenfundamenten en spekrestanten zijn alles wat nog zichtbaar rest van een compleet dorp, waar in de zomer tot wel 200 arbeiders (over)leefden en werkten. Smeerenburg was ook de plek waar voor het eerst op Spitsbergen een ploeg van zeven ‘vrijwilligers’ met succes overwinterde (1633-1634). De ploeg die de volgende winter wilde overbruggen, stierf aan scheurbuik. In dit gebied alleen al vonden archeologen 101 graven van walvisvaarders uit heel Europa. Omdat de vorst hun kisten naar boven duwde, werd een monument opgericht met planken van oude grafkisten. Helaas buiten ons wandelbereik.

58 ton gezelligheid

Anno 2023 vormen de lagunes bij Smeerenburg een goudmijn voor ornithologen die er noordse sterns (check!), sneeuwgorzen, kleine jagers (check!), paarse strandlopers (check!), papegaaiduikers (check!), steenlopers, eidereenden (check!), zwarte zeekoeten (check!) en verschillende soorten ganzen kunnen zien. Vandaag schurkt een partij walrussen op het strand tegen elkaar aan. Ik tel zo’n 45 samengepakte exemplaren aan gemiddeld 1.300 kg per mannetjesdier. Reken zelf maar het volume blubber en ivoor uit. “Ze kruipen dicht bij elkaar om hun lichaamswarmte te behouden en maken het roofdieren zo ook moeilijker om een ’collega’ van de groep te scheiden”, weet biologe Hazel. Inderdaad, walrussen zijn uiterst sociale dieren, net als Didier die zich eigenlijk wel kan inleven in hun levensgenietergedrag.

Een stuk of 45 walrussen schurkt tegen elkaar aan in de lagune van Smeerenburg
Een stuk of 45 walrussen schurkt tegen elkaar aan in de lagune van Smeerenburg

18u03 - Hondius licht het anker. Met een snelheid van 11 knopen of zo’n 20 kilometer per uur, stomen we richting Danmarkshavn. “Met nog 580 zeemijl (1 mijl is 1,852 km) voor de boeg kunnen we in pakweg twee dagen tijd de Groenlandzee dwarsen”, rekent Giovanie ons voor. We nemen de snelweg, want de provinciebaan richting Ile de France is volgens de meest recente ijskaarten te ‘hobbelig’.

 

Maar, wie kan de wil van het ijs voorspellen?

Dag 3

Uitzonderlijke beestjes Dwars door de zee-ijsgordel

Terwijl ik gisterenavond laat mijn verhaal schreef, spotte Jess op een paar honderd meter een gewone vinviswalvis. Die heb ik gemist. "Je herkent ze duidelijk aan hun gekromde rugvin." Tegelijk scheurden langs de boeg witsnuitdolfijnen. Alsof ze ons wilden uitzwaaien. "Ze komen voor in groepen en blijven vaak, nieuwsgierig als ze zijn, bij een schip om mee te liften in de boeggolf." Onze eerste potvis, met zijn typische voorwaartse ’blow’ of ademstoot heb ik niet gemist. Zelfs onze doorgewinterde gidsen waren enthousiast - potvis spot je immers zelden.

Dwars door een mijnenveld van ijsschollen en -schotsen

In het warme licht snijdt de Hondius door de vlakke zee. Ons ijsversterkt schip draagt de naam van de in Wakken, België dus, geboren cartograaf Jodocus Hondius (1563-1612). De hele nacht bleef de zon net onder de horizon hangen. Hoe zuidelijker we zakken, hoe donkerder de nachten zullen worden. Het is intussen 7u30, 3°C warm en zo’n 3.000 meter diep. Noordse stormvogels glijden langszij. De kans om midden de oceaan walvissen te zien is klein, want in het ijskoude water leeft minder voedsel. Langs de kusten of de ijsrand is het iets warmer en dus beter toeven.

 

Ik betrap Bill, overtuigd Schot, gids en kunstleraar terwijl hij de kaart van Spitsbergen vervangt door die van Noordoost-Groenland. Is dat niet te vroeg? Volgens de berekeningen van de kapitein krijgen we pas morgenvroeg Kaap Børgen in zicht. “Niets is zeker op een expeditiereis als deze.”

Alsof God het wil, doemen aan de horizon de eerste schollen zee-ijs op
Alsof God het wil, doemen aan de horizon de eerste schollen zee-ijs op

Klokslag 9u40 uur passeren we de nulmeridiaan van Greenwich. We varen verder diagonaal zuidwest tot Store Koldewey en van daaruit de laatste rechte lijn noordwaarts richting Ile de France. Met elke mijl die we vorderen, stijgt de spanning: “Wordt het ijs een spelbreker?” De ijskaarten die de kapitein vier keer per dag via satelliet ontvangt, voorspellen steeds meer open water. Ook de noordoostenwind – die het ijs wegblaast van het vasteland – verhoogt de kans dat we morgen ons historische doel bereiken.

IJs

Het is nog te kort dag voor ijsschotsen en ook wie hoopt op woeste golven zal nog even moeten wachten. De barometer duikt de komende dagen niet naar beneden. Dankzij een zeebriesje van hooguit één tot twee beaufort schuift zowat iedereen deze ochtend fris en monter aan het ontbijtbuffet aan. Daarna is het aan salon-glacioloog – niet mijn woorden – Frank. Hij krijgt de eer om het ijs te breken met de eerste lezing van de reis. Titel? ‘Ijs en klimaat’. Had je anders verwacht? Ijs is zijn dada. Frank vaart niet op water, maar door vloeibaar ijs.

Glacioloog Frank breekt het ijs met een eerstel lezing over … ijs!
Glacioloog Frank breekt het ijs met een eerstel lezing over … ijs!

Alle gekheid op een stokje, het belang van ijs voor ons klimaat kun je onmogelijk onderschatten. “Minder ijs betekent minder weerkaatsing van zonlicht (een laag albedo), dus meer opwarming; en een zeespiegel die stijgt. Wereldwijd met meer dan 7 meter mocht alle ijs op Groenland smelten.” Zo overspoelde meester Frank ons met tal van onderbouwde, helaas vaak ook verontrustende weetjes. “Op einde van de reis examen”, grappen Herlinda en Christelle.

 

Alsof God – niet Frank – het wil, doemen aan de horizon de eerste schollen zee-ijs op. En breekt de zon door het lage wolkendek. Traag slalomt en duwt de Hondius zich bijna drie uur lang een weg door een mijnenveld van ijsschollen, -schotsen en -brokken. In het voorjaar versplinteren de wind en de zeestroming het zuidelijke deel van het polaire pakijs en stuwen ze de ijsschollen richting zuiden. Met veel kabaal schuren en stompen ze langs onze ijsversterkte romp.

Traag slalomt de Hondius zich een weg door een mijnenveld van ijsschollen, -schotsen en -brokken

Erwtensoep

Tot grote vreugde van velen tempert het witblauwe ijstapijt de deining van de golven. Jammer dat de almaar dikker wordende erwtensoep het zicht hindert en dus ook de kans om dieren te spotten. Een vlucht kleine alken, sporadisch vergezeld door een zwarte zeekoet krijgen we wel voor de lens. 

Groepje kleine alken voor de lens
Groepje kleine alken voor de lens

Honderd gram vs. 250 kilogram, het gemiddelde gewicht van de weldoorvoede berin die we gisteren bewonderden – mannetjes halen gemakkelijk het dubbele. Biologe Hazel vertelt ons alles over hét symbool in de klimaatstrijd. Wie weet dat Arctica is afgeleid van het Griekse Arktos wat letterlijk betekent ‘beer’? En de Sámi hem/haar ‘God’s dog’ doopten.

 

De bar tapt gratis Brugse Zot (dankjewel Annick) en zij die willen kunnen een uur langer slapen.

 

Wake-up call om 7u30! Slaapwel.

Noordse stern, 100 gram boordevol energie
Noordse stern, 100 gram boordevol energie

Dag 4

Uitzonderlijke beestjes Dwars door de zee-ijsgordel

Ik schiet wakker. Een ijsschots schuurt langs de romp, het is 5u30. Van dat uurtje langer slapen komt niet veel in huis. In de Observation Lounge op dek vijf staat een schotel met overheerlijke boterkoekjes. Mark, mijn eeuwige kajuitgenoot en cameraman, bedankt voor een tweede. “Ik woog me voor ik vertrok en kom liefst zonder extra kilo’s terug.” Moeilijk met twee warme maaltijden per dag.

 

Nog geen Kaap Børgen in zicht. Een muur van mist dwingt de kapitein om uiterst behoedzaam (3 knopen of zo’n 5 km/u) de ijsrand af te tasten.“We vaarden zelfs al achteruit om zeker niet vast te lopen”, weet Bieke die al enkele uren ‘op wacht staat’. Verrekijker in de aanslag. Buiten wijst de thermometer -1°C.

5de generatie in de voetsporen van Adrien de Gerlache (Annick naast Emilie, Roxane & Sophie)
5de generatie in de voetsporen van Adrien de Gerlache (Annick naast Emilie, Roxane & Sophie)

Safety first

Onze reisexpeditie volgt in vogelvlucht de route van Emelies overgrootvader Adrien de Gerlache in 1905. In dat jaar exploreerde de commandant-ontdekkingsreiziger op verzoek van hertog Philippe van Orléans de regio en bracht hij zowat twee breedtegraden van de kust van Noordoost-Groenland in kaart. In 1907 en 1909 zou hij nog twee expedities in noordpoolgebied ondernemen. Een jongensdroom werd werkelijkheid. En dan hadden we het nog niet over zijn wereldprestatie, de eerste wetenschappelijke overwintering op Antarctica in 1897-1898.

 

Sinds gisterenavond is ons reisdoel voor vandaag (woensdag) al drie keer veranderd. Weer en wind bepalen wat haalbaar is... en wat niet. De kapitein Ernesto heeft altijd het laatste woord. Safety first. Een plek die niet veilig kan worden bereikt, verdwijnt zonder tegenpruttelen van het programma. Laat staan dat hij de Hondius ‘blind’ gebied zou binnen manoeuvreren waar de dieptes nauwelijks of onnauwkeurig in kaart zijn gebracht. Adrien de Gerlache deed net het omgekeerde toen hij hier de wateren verkende met de houten driemaster ’Belgica’. "We zijn kanalen in en weer uit gevaren, dan weer naar het noorden, dan naar het zuiden, … zonder een uitweg te vinden in deze ijsvelden zonder einde (…)", pent de hertog op 24 juli 1905 in zijn dagboek. "Vanaf nu is deze reis geen gewone oceanografische expeditie meer: het is een ontdekkingsreis." In zijn lezing sleept Claude ons, in naam van Jozef Verlinden, de biograaf van Adrien de Gerlache, mee in het verhaal achter de expeditie.

Warme chocolademelk met rum loopt vlotjes binnen
Warme chocolademelk met rum loopt vlotjes binnen

Walvis wordt 260

‘Cetaceans of The Artic’. Geen flauw idee waarover zeebiologe Jess het gaat hebben tijdens haar lezing. De term groepeert de 96 soorten dolfijnen, walvissen en bruinvissen. “Dat aantal durft nogal wijzigen naarmate een soort verdwijnt of wordt ontdekt. Al wordt dat laatste jaar na jaar zeldzamer. En omgekeerd. Gelukkig kan de Groenlandse walvis tot 260 jaar oud worden – ooit werd een exemplaar gevonden met in het schouderbot de spits van een 19-eeuwse harpoen.” Nog een geruststellend weetje: een baleinwalvis kan onmogelijk mensen inslikken, want zijn slokdarm is niet veel breder dan een ananas.

Jonge ivoormeeuw rust nietsvermoedend van zijn sterrendom uit op de zodiac
Jonge ivoormeeuw rust nietsvermoedend van zijn sterrendom uit op de zodiac

Terwijl Jess ons de soorten ‘cetaceans’ leert onderscheiden die in dezelfde wateren vertoeven als wij, loopt de Observation Lounge plots leeg. Niet uit desinteresse, wel omdat een giervalk zich vluchtig laat zien om weer even snel te verdwijnen. “Samen met de sneeuwuil vormt de giervalk het duo grootste predatoren”, vertelt Hans. “Beide jagen op alles met veren en haren.”  Ook een jonge ivoormeeuw – “dat icoon van Arctica spot je eens om de tien reizen” – scheert voorbij en landt op het achterdek. Fotocamera’s ratelen aan een stuk door. ‘Rare jongens’ denkt de zonnende baardrob en laat zich van de ijsschots in het water glijden.

Stuurboord op drie uur: zeldzame Groenlandse walvis
Stuurboord op drie uur: zeldzame Groenlandse walvis

15u19 – Land in zicht. Iedereen geniet van de stralende zon op het voordek en … een ‘hot chocolate’ met een flinke scheut Old Captain Caribbean Rum en slagroom. “Hoe surrealistisch en puur tegelijk kan het leven soms zijn”, mijmert Hilde.

 

En nog kan het niet op. Stuurboord, op drie uur: onze eerste Groenlandse walvis laat zich zien – niet die met de harpoen. De mastodont stuwt een massa water vooruit telkens hij/zij lucht komt happen en het spiegelgladde zeeoppervlak verstoort. Jess haar dag kan niet meer stuk. Sterker, iets later duiken nog drie exemplaren op. “Ongelofelijk uniek, dat is samen zowat 1% van de totale populatie in dit gebied.”

Niemand miste de mistboog
Niemand miste de mistboog

De avond sluiten we af met een spectaculair fata morgana. De brede horizon lijkt wel de skyline van de Belgische kust, terwijl de ‘rijen appartementsblokken’ in werkelijkheid de uitgerokken weerspiegeling zijn van een rist ijsbergen.

 

Tussen alle ‘oohs’ en ‘wows’ door rondt de Hondius het zuidelijke puntje van Store Koldewey, om dan tussen eiland en vasteland noordelijk door te varen richting Danmarkshavn. Dat weerstation bereiken we ten vroegste ergens diep in de nacht. Zoals de ijskaarten nu tonen, blijkt Ile de France een ‘no go’. Een ijsgordel tussen Koldewey Eiland en Kaap Bismarck verspert hopeloos de weg.

 

Met wat geluk wordt het eiland Maroussia wel een haalbare kaart!

Dag 5

Nuna Allanngutsaaliugao Maroussia 76° 39’ 50” Noord – 18° 30’ 60” West

De muur van ijs kent geen genade. Vannacht gaf de Hondius zich gewonnen, zo’n 60 mijl van Ile de France. Doorgewinterde expeditierotten weten dat je de natuur niet kunt kraken. De gedenkheuvel die Adrien de Gerlache in 1905 bouwde, zal wellicht nog enkele decennia op de mens moeten wachten. We verbijten de ontgoocheling. Die maakt vlug plaats voor een nieuw doel: Maroussia Eiland. “Wij bereiken een klein eilandje dat zich iets ten zuiden van Kaap Bismarck bevindt. Op deze rots (...) vinden wij vanaf onze eerste passen een verbazingwekkend levendige flora (...)”, schrijft Adrien de Gerlache op 27 juli 1905 in zijn logboek.

Pittige klim tot de top van Maroussia Eiland

Op het eilandje dat Duc d’Orléans naar zijn vrouw noemde, gaan ook wij aan land. In 2005 liep ik hier ook al in het gezelschap van Adriens kleinzoon, Bernard de Gerlache. Toen liet hij op de zo’n 40 meter hoge top zijn boodschap na in een nieuwe cairn of gedenkheuvel. Straks krijgen Emilie en haar twee nichten de eer om hun boodschap-in-een-fles in de cairn toe te voegen. Een boodschap die ze afsluit met “Protégeons les pôles qui nous entourent pour que notre planète puisse encore subvenir longtemps à nos besoins. Vive l’exploration. Vive la Belgique. l’Union fait la force!”

Boodschap-in-een-fles vereeuwigt onze landing op Maroussia
Boodschap-in-een-fles vereeuwigt onze landing op Maroussia

Het weer is zoals voorspeld: windstil, open en volle zon. De Hondius ligt voor anker op 76° 40’ 14” Noord – 18° 33’ 40” West en dobbert tussen de traag voorbijglijdende schotsen en bergen ijs. Iedereen voelt zich een beetje pionier wanneer we in de vroege ochtend met de zodiacs uitvaren en voet op de rotsen zetten. Na een pittige, steile klimpartij tussen de rotspartijen – puur graniet – ontdekken we niet alleen een kolonie noordse sternen, een grote groep drieteenmeeuwen en een partij Alpensneeuwhoenders, maar ook de eeuwenoude resten van winter- en zomerhuizen uit de Thule-Inuitcultuur.

Een divisie van Reizen van Renterghem

Reislicentie A 1095
Korte Zilverstraat 6
8000 Brugge

+32 (0)50 33 25 10
info@asteriaexpeditions.be
ONS AANBOD
OVER ONS
VOLG ONS
Copyright © 2026 Asteria Expeditions
AECO
CLIA
IAATO
IATA
VVR
UFTAA
MSAMLIN